‘Kobe – Ingenious Simplicity ’, in Openbaar Kunstbezit Vlaanderen – 2017.1 – februari 2017

In logo nieuw22014 stierf Kobe, een pseudoniem voor de beeldhouwer Jacques Saelens. Met Becoming Kobe verscheen in 2010 al een naslagwerk over zijn werk. Nu geeft zijn zoon Albin Saelens samen met kunstcriticus Johan Debruyne een volledig overzicht van het herkenbare oeuvre in Kobe – Ingenious Simplicity.

Kobe werd als Jacques Saelens in 1950 geboren in een gezin van zeven kinderen in Kortrijk. Zijn vader was kunstliefhebber, maar had weinig vertrouwen in een artistieke carrière voor zijn zoon. Toch koos Jacques voor de kunstacademie, respectievelijk in Sint-Lucas Gent en Sint-Lukas Brussel. Zijn loopbaan als kunstenaar kwam maar traag op gang. Achteraan het boek is een lijst opgenomen van al zijn tentoonstellingen. Daaruit blijkt dat hij tot het einde van de jaren tachtig slechts sporadisch exposeerde. Zijn werkelijke doorbraak gebeurde in de jaren negentig. Al boven de veertig, ontdekte hij toen zijn herkenbare stijl die hem populair maakte. Het boek vat dan ook pas daar aan.

Kobe had toen al heel wat reizen achter de rug. Hij was gefascineerd door lang vergeten culturen in Centraal- en Latijns-Amerika, Afrika en Azië. Die reizen hadden een grote impact op zijn werk. Soms lijken zijn beelden oeroude prehistorische vruchtbaarheidsbeelden of religieuze Mayasculpturen, maar steeds met invloed van rationele moderne en abstracte kunst. Dat geeft zijn beeldhouwwerk – steeds vrouwen of paarden – een mythisch gehalte op een elegante manier. Zijn werken zijn archetypes: geen echte vrouwen of paarden, maar een vereenvoudiging en abstrahering.

KobeVlaamse grofheid, Italiaanse elegantie

Zijn beelden hebben steeds een lang proces achter de rug. Tussen idee en afgewerkt beeld zaten meerdere maanden tijd. Kobe wilde de illusie van tweedimensionaliteit opwekken in driedimensionale standbeelden. Hij begon met tekeningen en schetsen. In die voorstudies cijferde hij de derde dimensie bijna volledig weg. Om dit om te zetten naar de realiteit, was mathematisch denken broodnodig. Zijn beelden zijn breed en flinterdun tegelijk. Dat is geen ideale situatie voor sculpturen uit marmer of brons. Vormproblemen en een wankel evenwicht waren schering en inslag in zijn werk. Maar Kobe was een fervent liefhebber van vakmanschap en oefening. Praktische problemen oplossen zette hem aan tot een zeker perfectionisme. Kobe zette zijn berekeningen eerst om naar natte klei rond een stevige armatuur en maakte daar een gipsen model van. Aan die fysieke representatie van zijn idee schaafde, veilde en polijstte hij tot hij tevreden was. En dat kon lang duren. Kobe liet niets aan het toeval over. Alles moest doordacht en geometrisch beredeneerd zijn. Die beredeneerdheid maskeerde hij met expressieve vormen, een schijnbaar ongedwongen houding, gezichten zonder kenmerken en een gladheid die het licht weerkaatst.

De breedheid van zijn beelden verraden een bonkige Vlaamse aard zoals ook het werk van Permeke kenmerkende. Maar Kobe hield ook van de speelsheid van het zuiden. Eén van zijn grote voorbeelden was Quinto Martini. Vanaf de jaren negentig wisselde de Kortrijkse kunstenaar West-Vlaanderen in voor het kunstenaarsdorp Pietrasanta, dicht bij de marmergroeven van Carrara. Ook sterven deed hij niet in eigen land, maar in Saint-Julien in Frankrijk.

Niet altijd objectief

Het boek kiest voor dezelfde vormelijke eenvoud als het oeuvre van Kobe. Het is geen klassieke biografie, maar een platenboek dat een inkijk geeft in de kunstenaar op basis van zijn werk. Het boek bestaat uit één essay, dat samen met een voorwoord opgenomen is in Nederlands, Frans en Engels. De tekst geeft een persoonlijk geschreven en beknopt overzicht van de loopbaan en motieven van de kunstenaar. Het essay is soms wat hagiografisch en niet altijd objectief, waar het feit dat het boek een initiatief is van de Kobe Foundation en zijn zoon Albin veel mee te maken heeft. De sterkte van het boek is het beeldmateriaal. De afbeeldingen zijn paginagroot. Bij heel wat werken zijn heel unieke extra’s te vinden, zoals citaten, korte tekstfragmenten, voortekeningen en schetsen. De tekst is beperkt gehouden, met een strakke, lege vormgeving die de werken veel witruimte laat. Het is leerrijk om de sculpturen tegenover hun schetsen te zien. L’Eté uit 1994 is daar een mooi voorbeeld van. Ook de foto’s van de kunstenaar, zijn atelier en zijn woonplaatsen in Vlaanderen en Italië geven een unieke inkijk in het werk en leven van Kobe.